Harder, better, faster, stronger

Twee weken geleden was ik met mijn lief op een feestje. Even lekker eruit. Ronald en Ilse zijn, in plaats van papa en mama. Uiteraard was ik wel vergezeld door mijn mama-wallen, en vertelde mijn ingebouwde mama klok me om 22:30 dat het echt wel bijna bedtijd was. Maar we dronken bier, kletsten over vakanties en werk in plaats van ‘zit je buikje lekker vol met melk’ en wiegden zowaar een beetje met de heupen in plaats van een baby.

Voor de deur van het feestje zat een groepje jonge gasten. Ze dronken bier met grote teugen en aan hun volume te horen, zaten ze er al even. Ze trokken volleerd aan hun sigaretten en maakten opmerkingen over vrouwenbillen die passeerden. Ongetwijfeld zaten die billen vast aan een complete vrouw, maar daar hadden de heren in kwestie geen oog voor. Luidruchtig bralden ze over hoeveel vrouwen ze hadden gehad, wie de dikste billen had (van de vrouwen dan, de achterkanten van die krielkippen waren nauwelijks billen te noemen) en meer van dat soort puberale dikdoenerij.

Het is van alle tijden. Opscheppen. Pochen wat je allemaal kunt, bij voorkeur beter dan een ander. In een maatschappij die meer en meer gefocust is op prestatie, kun je er niet omheen. Vraag een visser naar zijn grootste vangst van de dag en je kunt de afstand tussen zijn beide vingers gerust met een korreltje zout nemen.

De duurste auto, de verste vakantiebestemming, het hoogste salaris of het grootste huis. We kennen (of zijn?) allemaal wel iemand die er niet over uitgesproken raakt.

Maar zoals met wel meer zaken, spannen de baby’s de kroon (stelletje opscheppers). Of eigenlijk hun ouders. Geen prestatie is meer veilig, in het bijzijn van de overachieving pa of ma. Vertel jij trots en blij dat je kind haar eerste stapjes heeft gezet, is de kans groot dat je overstemd wordt met een kind wat dat al veel eerder kon. Ongeacht de leeftijd van jouw uk.

Het lijkt soms wel een wedstrijd. Als je kind met een bepaalde leeftijd niet kan rollen, zitten of welke andere activiteit dan ook volgt een haast meewarige blik. Waarom je dat kind in vredesnaam nog niet naar een fysiotherapeut hebt gebracht.

Onze kinderen zijn bij voorkeur zindelijk op hun eerste verjaardag en vertellen op hun kinderfeestje dat het nu wel tijd wordt voor een fiets zonder zijwieltjes.

En waarom? Het gaat al zo snel. Je knippert twee keer met je ogen en ze kunnen weer iets nieuws. Creëer je onbewust niet een verwachtingspatroon voor je kind waarbij hij of zij alleen nog maar teleur kan stellen? En wat doet het met je als jouw kind toevallig niét de snelste is. Als alle kinderen om je heen (zogenaamd) voor het jaar al kunnen lopen, ga jij je dan afvragen of er iets mis is met jouw kindje als zij met veertien maanden nog lekker op haar bips zit?

Wanneer iemand je vertelt dat haar zoon zijn eerste woordje zei toen hij veertien maanden was, zou je ook kunnen zeggen “Wat knap! Wat zei hij?”, in plaats van er overheen te knallen dat jouw dochter al voor haar eerste verjaardag papa, mama, bal en shit kon zeggen.

Geniet van wat is. Gun een ander het licht in de ogen. En til er vooral niet te zwaar aan. Uiteindelijk gaan ze allemaal lopen en praten. En ik heb nog nooit een zootje opgeschoten pubers met een peuk in de mond en een biertje in de hand gezien, die niet konden kruipen.

Soms zelfs als volwassen mannen nog.

En dat is niet perse iets om over op te scheppen.

 

2 gedachten over “Harder, better, faster, stronger

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s